Watersnoodramp 1953

Toen op 31 januari 1953 een ongekende stormvloed grote delen van zuidwest Nederland teisterde verlieten mijn ouders en ik aan boord van troepentransportschip ‘Asturias’ de haven Tandjong Priok van Jakarta. Als volkomen berooide repatrianten op weg naar een ‘vaderland’ dat we nog nooit gezien hadden. Bij de ramp verdronken 1850 mensen en voor de overlevenden werden zoveel hulpgoederen ingezameld dat er genoeg overbleef voor de behoeftige mensen uit Indië. Mijn allereerste winterjas kwam van het Rampenfonds.

Bijna dertig jaar later maakte ik onderstaande illustratie van de watersnood in het jubileumboek van van Hattum& Blankevoort ‘Bewoonbaar voor de mens’.

Watersnood 1953 Aquarel in sepia 40x60cm Paul Kerrebijn

van Hattum & Blankevoort

Toen dit jubileumboek van van Hattum & Blankevoort in januari 1982 uitkwam kreeg ik direct reacties van Rijkswaterstaat op mijn illustraties. Het was het begin van een reeks opdrachten waar nooit meer een einde aan is gekomen. (En we schrijven nu 2018!)

Omslag ‘Bewoonbaar voor de mens’ Aquarel in sepia Paul Kerrebijn
Illustratie ‘Bewoonbaar voor de mens’ Aquarel in sepia Paul Kerrebijn

De geschiedenis van twee geslachten, in ‘Bewoonbaar voor de mens’ beschreven door Kees Stiksma met een voorwoord van Mr.ir.J.K.J.Kokje, destijds voorzitter Raad van Bestuur Koninklijke Volker Stevin nv ,die ik zelf nog gekend heb.  Paul Kerrebijn

Beelden uit een tijd dat grote zaken op handklap met een ouwe klare en een sigaar bezegeld werden.

Van Hattum uit Sliedrecht
Blankevoort uit Monnickendam Paul Kerrebijn

Beelden in sepia

De meeste illustraties in het boek ‘Bewoonbaar voor de mens’, jubileumboek van Hattum & Blankevoort, maakte ik in sepia-kleurige aquarel. Zo kon ik perfect de sfeer treffen van die tijd, toen met mankracht ongelooflijke prestaties werden geleverd!

Illustraties uit ‘Bewoonbaar voor de mens’, jubileumboek van Hattum & Blankevoort    Paul Kerrebijn

Deltawerken

DIT NOOIT WEER! De ongekende omvang van de watersnoodramp noopte Rijkswaterstaat plannen te ontwikkelen voor verhogen van de dijken en afsluiten van de zeegaten in Zeeland en Zuid Holland. Het DELTA-plan was geboren.

De Grevelingen- en Brouwersdam werden gestort en werkeiland Neeltje Jans opgehoogd om de Oosterscheldekering te kunnen bouwen met schuiven om water door te laten. Het werd het achtste wereldwonder genoemd: geen land ter wereld had ooit zulke diepe zeegaten gedicht!

Schema van de werkzaamheden.
Viltstiftschets Oosterscherdekering. Paul Kerrebijn

Mytilus en Macona

Speciaal voor de Deltawerken werden bijzondere vaartuigen ontworpen om specifieke taken uit te voeren. Van de ontwerpschetsen maakte ik ‘artists impressions’. Hieronder de ‘Mytilus’, uitgerust met trilnaalden om het zand van de zeebodem te verdichten zodat er een groter draagvermogen voor de zware pijlers van de Oosterscheldedam ontstond.       MYTILUS:

Impressie ‘Mytilus’ Gouache op karton 70x100cm Paul Kerrebijn

MACONA

De voeten van de zware pijlers van de dam werden met een laag stortsteen beschermd om wegspoelen van het zand te voorkomen. Deze laag werd weer met betonmatten bedekt.

De ‘Macona’ werd ontworpen om een vlakke ondergrond te maken, als een soort stofzuiger. Veel ontwerpen kwamen trouwens nooit verder dan de tekentafel. Ik heb voor Rijkswaterstaat tientallen van dit soort impressies getekend, waarvan meer dan de helft nooit gebouwd is. (En soms was dat maar goed ook!)